Scroll to top
3 oktober 2018

De schoonheid van vissenkieuwen en koeienmagen

Ontmoeting met Mandy den Elzen

3 oktober 2018

De schoonheid van vissenkieuwen en koeienmagen

Ontmoeting met Mandy den Elzen

In 2012 studeerde ze af aan de kunstacademie. Mandy den Elzen [36] is een pionier met haar werk dat internationaal zeer hoog aangeschreven staat. Onder glazen stolpen laat ze zien wat normaal gesproken onzichtbaar blijft: de wonderlijke structuren van dierlijke ingewanden. Grote merken, musea, galeries en universiteiten vechten om haar werk.

Soms heeft Mandy den Elzen geluk. Dan belt een vishandelaar haar met het goede nieuws dat hij een grote vissenkop heeft liggen en hem best even in zijn vriezertje wil bewaren. Het is voldoende om Mandy een hele fijne dag te bezorgen. Of die keer dat ze een enorme zwaardvis wist te kopen. Een citroen als stootkussen op de punt van zijn zwaard, achterbank en bijrijdersstoel plat en zielsgelukkig terugrijden naar Breda. Vriendelijk glimlachen naar de bovenbuurvrouw die haar wekelijks ziet sjouwen met dierlijke resten en dan aan de slag. Ontleden, een pincet erbij pakken, doorspoelen en met fascinatie kijken naar dat wat wij als afval beschouwen.

“Van de maag van een klipdas tot de blindedarm van een capibara: Mandy weegt ze liefkozend in haar handen.”

De daaropvolgende uren kan ze niet meer eten. Want de stank is afschuwelijk en het schoonmaken misselijkmakend. Dat vindt ze zelf ook.

Al tijdens haar eerste jaar op de kunstacademie werkt Mandy met plantaardige materialen. Ze ontdekt de schoonheid van zeewier en weet een vaas te maken van algen. Ze stuurt het op naar de Material ConneXion Library in New York. Die stellen de vaas tentoon, Forbes schrijft er een artikel over en het werk van Mandy wordt internationaal opgepikt.
 

In 2012 studeerde ze af aan de kunstacademie. Mandy den Elzen [36] is een pionier met haar werk dat internationaal zeer hoog aangeschreven staat. Onder glazen stolpen laat ze zien wat normaal gesproken onzichtbaar blijft: de wonderlijke structuren van dierlijke ingewanden. Grote merken, musea, galeries en universiteiten vechten om haar werk.

Soms heeft Mandy den Elzen geluk. Dan belt een vishandelaar haar met het goede nieuws dat hij een grote vissenkop heeft liggen en hem best even in zijn vriezertje wil bewaren. Het is voldoende om Mandy een hele fijne dag te bezorgen. Of die keer dat ze een enorme zwaardvis wist te kopen. Een citroen als stootkussen op de punt van zijn zwaard, achterbank en bijrijdersstoel plat en zielsgelukkig terugrijden naar Breda. Vriendelijk glimlachen naar de bovenbuurvrouw die haar wekelijks ziet sjouwen met dierlijke resten en dan aan de slag. Ontleden, een pincet erbij pakken, doorspoelen en met fascinatie kijken naar dat wat wij als afval beschouwen.

“Van de maag van een klipdas tot de blindedarm van een capibara: Mandy weegt ze liefkozend in haar handen.”

De daaropvolgende uren kan ze niet meer eten. Want de stank is afschuwelijk en het schoonmaken misselijkmakend. Dat vindt ze zelf ook.

Al tijdens haar eerste jaar op de kunstacademie werkt Mandy met plantaardige materialen. Ze ontdekt de schoonheid van zeewier en weet een vaas te maken van algen. Ze stuurt het op naar de Material ConneXion Library in New York. Die stellen de vaas tentoon, Forbes schrijft er een artikel over en het werk van Mandy wordt internationaal opgepikt.
 

Vlak daarna raakt ze gefascineerd door het leerlooien. Ze speurt het internet af naar manieren om dat looien zelf te kunnen doen. En dan niet met het gebruikelijke basismateriaal, de runderhuid, maar met dat waar de koe er vier van heeft: de maag.

“Ik begon te onderzoeken waarom we eigenlijk alleen de huid gebruiken voor esthetische doeleinden. Het leek mij mogelijk om juist ook iets met de ingewanden te doen.”

“Uiteindelijk vond ik een oude Inuit-techniek. De Eskimo’s gebruikten hun eigen urine om het leer te looien. Ik begon ontiegelijk veel te drinken, zodat ik een cementkuip vol bij elkaar kon plassen. In de schuur van mijn ouderlijk huis had ik alle ruimte om een amateur-looierij na te bouwen. Het lukte. Na wat experimenteren, wist ik leer te maken van een maag.”

Grote bedrijven als autogigant Chrysler hangen al snel aan de telefoon. Of ze niet samen wil werken. Maar Mandy twijfelt. Ze heeft ontdekt dat de natuur zo veel schoonheid in zich heeft, dat het eigenlijk niet nodig is er een nieuw product van te maken. Waarom zou je rechte leren lapjes maken van zo’n mooi natuurlijk product? Die ontdekking zal leidend worden in haar werk.

Vlak daarna raakt ze gefascineerd door het leerlooien. Ze speurt het internet af naar manieren om dat looien zelf te kunnen doen. En dan niet met het gebruikelijke basismateriaal, de runderhuid, maar met dat waar de koe er vier van heeft: de maag.

“Ik begon te onderzoeken waarom we eigenlijk alleen de huid gebruiken voor esthetische doeleinden. Het leek mij mogelijk om juist ook iets met de ingewanden te doen.”

“Uiteindelijk vond ik een oude Inuit-techniek. De Eskimo’s gebruikten hun eigen urine om het leer te looien. Ik begon ontiegelijk veel te drinken, zodat ik een cementkuip vol bij elkaar kon plassen. In de schuur van mijn ouderlijk huis had ik alle ruimte om een amateur-looierij na te bouwen. Het lukte. Na wat experimenteren, wist ik leer te maken van een maag.”

Grote bedrijven als autogigant Chrysler hangen al snel aan de telefoon. Of ze niet samen wil werken. Maar Mandy twijfelt. Ze heeft ontdekt dat de natuur zo veel schoonheid in zich heeft, dat het eigenlijk niet nodig is er een nieuw product van te maken. Waarom zou je rechte leren lapjes maken van zo’n mooi natuurlijk product? Die ontdekking zal leidend worden in haar werk.

Te excentriek

“Het was fantastisch dat ik als student direct zo veel aandacht kreeg. Maar uiteindelijk besloot ik dat het waanzin was om de natuur te dwingen zich te vormen naar een product dat ik bedacht had.”

“Ik wisselde van de richting productdesign naar beeldende kunst en besloot dat ik de schoonheid van het basismateriaal wilde laten zien, zonder dat ik materiaalleverancier wilde worden.”

Mandy woont op dat moment nog thuis in Andel. Ze wordt omringd door boerderijen en is als kind al zo veel mogelijk buiten. In het strengchristelijke dorpje valt de familie Den Elzen op. Ze gaan niet naar de kerk en de kinderen dragen kleding die moeder gemaakt heeft. Mandy moet er nu om lachen. “We zagen er een beetje te excentriek uit. Tegelijkertijd vond ik het er prettig hoor. We konden onze gang daar gaan, werden met rust gelaten. Ik amuseerde me met het sorteren van slakkenhuisjes op kleur en werd volledig vrijgelaten door mijn ouders. In mijn jeugd is de kiem gelegd voor het werk dat ik nu doe. De agrarische omgeving is mijn thuis. Als kunstenaar was het voor mij dan ook logisch daar iets mee te doen.”

Koeienmagen

In 2013, één jaar na het afstuderen aan de academie ontvangt Mandy van het Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur (BKKC, nu KunstLoc) een talentenbeurs, waardoor ze op een meer professionele manier het leerlooien verder kan ontwikkelen. De magen koopt ze eerst bij de slager in de buurt, maar al snel voelt dat hypocriet. “Ik ben een dag aanwezig geweest in het slachthuis. Voorheen was het materiaal, gewoon materiaal. Daarna bleef ik me realiseren dat het onderdeel was van een levend wezen en kreeg ik er nog meer respect voor.”

Brabant staat van oudsher bekend om zijn leerlooierijen. Lange tijd was de provincie de belangrijkste leerproducent van het land. Nu hebben we er nog maar een paar. “De praktijk van het looien verdwijnt uit Brabant, maar er is nog een hoop kennis aanwezig over het proces. Dankzij de beurs kon ik een jaar lang samenwerken met een lokale looierij waardoor ik het proces wist te perfectioneren. Ik raakte enorm geboeid door de verschillende structuren in de magen. Zo is er een prachtige honingraatstructuur te zien. Ik wilde dat meer mensen die schoonheid zagen.”

Te excentriek

“Het was fantastisch dat ik als student direct zo veel aandacht kreeg. Maar uiteindelijk besloot ik dat het waanzin was om de natuur te dwingen zich te vormen naar een product dat ik bedacht had.”

“Ik wisselde van de richting productdesign naar beeldende kunst en besloot dat ik de schoonheid van het basismateriaal wilde laten zien, zonder dat ik materiaalleverancier wilde worden.”

Mandy woont op dat moment nog thuis in Andel. Ze wordt omringd door boerderijen en is als kind al zo veel mogelijk buiten. In het strengchristelijke dorpje valt de familie Den Elzen op. Ze gaan niet naar de kerk en de kinderen dragen kleding die moeder gemaakt heeft. Mandy moet er nu om lachen. “We zagen er een beetje te excentriek uit. Tegelijkertijd vond ik het er prettig hoor. We konden onze gang daar gaan, werden met rust gelaten. Ik amuseerde me met het sorteren van slakkenhuisjes op kleur en werd volledig vrijgelaten door mijn ouders. In mijn jeugd is de kiem gelegd voor het werk dat ik nu doe. De agrarische omgeving is mijn thuis. Als kunstenaar was het voor mij dan ook logisch daar iets mee te doen.”

Koeienmagen

In 2013, één jaar na het afstuderen aan de academie ontvangt Mandy van het Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur (BKKC, nu KunstLoc) een talentenbeurs, waardoor ze op een meer professionele manier het leerlooien verder kan ontwikkelen. De magen koopt ze eerst bij de slager in de buurt, maar al snel voelt dat hypocriet. “Ik ben een dag aanwezig geweest in het slachthuis. Voorheen was het materiaal, gewoon materiaal. Daarna bleef ik me realiseren dat het onderdeel was van een levend wezen en kreeg ik er nog meer respect voor.”

Brabant staat van oudsher bekend om zijn leerlooierijen. Lange tijd was de provincie de belangrijkste leerproducent van het land. Nu hebben we er nog maar een paar. “De praktijk van het looien verdwijnt uit Brabant, maar er is nog een hoop kennis aanwezig over het proces. Dankzij de beurs kon ik een jaar lang samenwerken met een lokale looierij waardoor ik het proces wist te perfectioneren. Ik raakte enorm geboeid door de verschillende structuren in de magen. Zo is er een prachtige honingraatstructuur te zien. Ik wilde dat meer mensen die schoonheid zagen.”

Het is uniek wat Mandy binnen korte tijd weet te bereiken. Na haar eerste jaar heeft ze nooit meer hoeven te acquireren. Toch was er lange tijd juist niet zoveel interesse uit de provincie waar haar werk zo veel wortels heeft. En dat terwijl ze zich als maker hier zo thuis voelt. “Ik ben eigenlijk in het buitenland begonnen, daar werd mijn werk opgepikt. Grote merken als Dior, Fendi en Apple hebben interesse in wat ik doe, en hebben samples besteld ter inspiratie voor hun designteam.”

En ook haar autonome werk krijgt vooral veel aandacht van óver de grenzen. In haar indrukwekkende lijst met exposities staan vooral veel grote Europese en Amerikaanse steden. Slechts een enkele keer komt Bergen op Zoom of Den Bosch er in voor. “Dat is pas sinds kort aan het veranderen. Mijn werk is nu twee keer te zien geweest in het Stedelijk Museum Breda. Op de meest recente expositie, We, the artists of Breda! (part I), ben ik erg trots. Ik word hier gepresenteerd als een van de kunstenaars van de stad.”

Het is uniek wat Mandy binnen korte tijd weet te bereiken. Na haar eerste jaar heeft ze nooit meer hoeven te acquireren. Toch was er lange tijd juist niet zoveel interesse uit de provincie waar haar werk zo veel wortels heeft. En dat terwijl ze zich als maker hier zo thuis voelt. “Ik ben eigenlijk in het buitenland begonnen, daar werd mijn werk opgepikt. Grote merken als Dior, Fendi en Apple hebben interesse in wat ik doe, en hebben samples besteld ter inspiratie voor hun designteam.”

En ook haar autonome werk krijgt vooral veel aandacht van óver de grenzen. In haar indrukwekkende lijst met exposities staan vooral veel grote Europese en Amerikaanse steden. Slechts een enkele keer komt Bergen op Zoom of Den Bosch er in voor. “Dat is pas sinds kort aan het veranderen. Mijn werk is nu twee keer te zien geweest in het Stedelijk Museum Breda. Op de meest recente expositie, We, the artists of Breda! (part I), ben ik erg trots. Ik word hier gepresenteerd als een van de kunstenaars van de stad.”

“Het levert me een verbinding op met de plek waar ik woon. Bezoekers komen naar me toe, gaan het gesprek met me aan, zeggen dat hun vader jager is en dat ik best eens kan bellen. Die directe verbinding tussen de kunstenaar, de stad en de inwoners is absoluut niet vanzelfsprekend in onze provincie. Het contact tussen een kunstenaar en een lokale kunstliefhebber is minimaal. Dat zou echt veel meer gestimuleerd moeten worden. Sterker nog: regelmatig krijg ik mails van Brabanders in het Engels. Zij denken er niet eens aan dat ik wel eens om de hoek zou kunnen wonen en zijn dan ook altijd erg verbaasd als ik gewoon in het Nederlands terugschrijf.”

mandydenelzen.com

Auteur: Mijke Pol

“Het levert me een verbinding op met de plek waar ik woon. Bezoekers komen naar me toe, gaan het gesprek met me aan, zeggen dat hun vader jager is en dat ik best eens kan bellen. Die directe verbinding tussen de kunstenaar, de stad en de inwoners is absoluut niet vanzelfsprekend in onze provincie. Het contact tussen een kunstenaar en een lokale kunstliefhebber is minimaal. Dat zou echt veel meer gestimuleerd moeten worden. Sterker nog: regelmatig krijg ik mails van Brabanders in het Engels. Zij denken er niet eens aan dat ik wel eens om de hoek zou kunnen wonen en zijn dan ook altijd erg verbaasd als ik gewoon in het Nederlands terugschrijf.”

mandydenelzen.com

Auteur: Mijke Pol

Cultuur houdt zich steeds minder aan grenzen. Live

  • Eens
    95 % 23/24
  • Oneens
    4 % 1/24
Processing..
Thanks, Your Vote Is Successfully Submitted
Top